Safari Njema

Oftewel: goede reis!

Die goede reis hebben we al achter ons: ruim 2 weken zijn we met onze auto en een tent “op safari” geweest. Eerste stop was Mwanza waar we een paar dagen genoten van het gezelschap van vrienden/collega’s en wat “first world” luxe: andere expats, supermarkten en een speeltuin. Daarna ging het door met het echte werk: een paar dagen Serengeti en Ngorongoro en oh jongens, wat was het prachtig! We begonnen in de Western Corridor van de Serengeti waar op dat moment precies de grote migratie van de gnoes plaats vond: duizenden en duizenden gnoes bij elkaar, heel indrukwekkend. We hebben alles met onze eigen auto gedaan maar één dag trakteerden we onszelf op een game-drive van een lodge, je ziet toch veel meer als je niet zelf hoeft te rijden, bovendien weet een professionele gids precies op welke plekken hij welke dieren moet zoeken. Olifanten, giraffen, zebra’s, hyena’s, wilde honden, leeuwen, nijlpaarden, krokodillen, impala’s, pumba’s, gazelles, buffels en nog tig andere dieren en honderden vogels zagen we die dagen. Los daarvan is het landschappelijk zo mooi en afwisselend dat je alleen daarvoor al zou gaan!

Na een week ging het gedwongen verder naar het diep trieste dorpje Karatu omdat we onze auto na de heftige dagen in de Serengeti en het Ngorongoro gebied wat moesten oplappen (de garage had echter meer weg van een sloper dan van een autowerkplaats, wat ons een paar dagen later nog een extra bezoekje aan een garage in Arusha opleverde…). Maar zoals Johan Cruyff altijd zei: “ieder nadeel heb z’n voordeel” en zo was het voor ons grieperige reisgezelschap helemaal niet slecht om eens 2 dagen rust in te bouwen, bovendien lag onze camping op het terrein van een luxe hotel en mochten wij daarom gebruik maken van hun restaurant en zwembad wat het wachten toch heel wat aangenamer maakte 😉

Via Lake Manyara (befaamd voor de duizenden flamingo’s die echter die dag verstoppertje speelden) reden we verder richting het West-Kilimanjaro gebied waar we kampeerden bij een boerderij: 3 dagen van koeien melken, paardrijden, eieren rapen, met de honden spelen, in de prachtige tuin spelen/relaxen, heerlijk eten, wandelen, zwemmen in het ijskoude smeltwater van de Kilimanjaro en genieten van de (wederom) prachtige omgeving.

Daarna door naar Arusha: een totaal andere wereld, een soort expat-wahala met tig supermarkten waar je bijna alles kunt kopen (Kaas! Chocolade! Vlees!), leuke restaurants met speeltuinen, koffietentjes, winkels met “leuke spulletjes”, meer wazungus per vierkante kilometer dan we in Bukoba in de afgelopen maanden bij elkaar gezien hebben én bovendien grote machines: de kinderen gingen uit hun dak bij elke bulldozer, tractor en graafmachine die we tegen kwamen 😉 We gingen natuurlijk elke dag uit eten, vulde onze auto met etensvoorraad en “leuke spulletjes” en zijn zelfs na de bioscoop geweest! Totaal overprikkeld (boertjes die we zijn) maar tevreden begonnen we aan onze terugreis. Drie dagen lang door het binnenland rijden: wederom prachtige landschappen, eeuwige steppes met kleine dorpjes, af en toe een mijngebied en overnachtingen op afgelegen plekken waar we hét highlight van de week waren, wat we omgekeerd niet bepaald kunnen zeggen 😉

Inmiddels zijn we alweer bijna 2 weken terug: het werk gaat verder, het nieuwe schooljaar voor de kinderen is begonnen en wij verheugen ons op de komende visite-marathon!

Kwa heri!

PS leuke anekdote: toen we de kinderen vertelden dat we op vakantie gingen en dan allemaal dieren zoals olifanten, zebra’s en giraffen zouden zien, riep Milo heel blij “jeeej, we gaan naar de zoo!”, we probeerden uit te leggen dat het geen dierentuin is maar hij wilde persé “net als de andere kinderen” naar de zoo. Na drie dagen Serengeti vertelde hij Ella dat we “voor de neushoorn, tijgers en pinguïns naar een andere zoo moeten. Eentje bij ons oude huis, waar het koud is” 🙂

Diashow: (het kan even duren tot de foto’s zichtbaar zijn…)

52
Lake Manyara